JURIDISCH DOSSIER · REGISTRATIE
Paspoort en BRP — sekse, X, en het einde van een categorie
Sekse staat in Nederland niet alleen in de geboorteakte. Zij staat ook in de Basisregistratie Personen en op basis daarvan in het paspoort, en alle overheidsinstellingen zijn verplicht de gegevens uit die basisregistratie te gebruiken. Wat gebeurt er met de informatiewaarde van die registraties als de juridische sekse op een verklaring kan worden gewijzigd?
De Basisregistratie Personen
De Basisregistratie Personen (BRP) bevat persoonsgegevens van de inwoners van Nederland (bron). Zij is wettelijk geregeld in de Wet basisregistratie personen (Wet BRP) van 3 juli 2013. Het geslacht hoort volgens artikel 2.7 lid 1 Wet BRP tot de gegevens die over iedere ingeschrevene worden opgenomen (bron). De BRP kent daarvoor man, vrouw en ‘geslacht onbekend’ (bron).
De geslachtsvermelding staat in de geboorteakte, in de BRP en op basis van die gegevens ook in het paspoort (bron). Een wijziging via artikel 1:28 BW werkt zo door in de BRP. Overheidsinstellingen en bestuursorganen, zoals de Belastingdienst, zijn verplicht de gegevens uit de BRP te gebruiken voor hun taken (bron).
De X-aanduiding in het paspoort
Een ‘X’ in het Nederlandse paspoort volgt uit de aanduiding ‘o’ (onbekend) in de BRP; de BRP zelf kent geen ‘x’ (bron). Die ‘o’ komt er op twee manieren. Is bij de geboorte het geslacht van het kind twijfelachtig, dan vermeldt de geboorteakte dat het geslacht niet is kunnen worden vastgesteld (artikel 1:19d BW, bron). En sinds een uitspraak van de rechtbank Limburg van 28 mei 2018 laten rechtbanken op verzoek een non-binaire geslachtsvermelding in de geboorteakte toe, wat in de BRP tot een ‘o’ leidt (bron). De ICAO-norm voor paspoorten staat voor sekse F, M of X (‘unspecified’) toe (bron).
De X-aanduiding in het paspoort is dus niet op eigen verklaring te krijgen. Zij vereist een ‘o’ in de BRP, en daarvoor een vermelding bij de geboorte of een rechterlijke uitspraak. Het kabinet heeft in 2023 wel in kaart gebracht wat nodig zou zijn om iedereen zonder tussenkomst van de rechter een ‘x’ te laten kiezen (bron). De X-aanduiding bestaat naast, niet in plaats van, de M/V-registratie van anderen.
Categorie of keuzeveld?
De juridische sekse in Nederland is langs twee parallelle lijnen veranderbaar. Via artikel 1:28 BW kan een M wijzigen in een V of omgekeerd, met een verklaring van een deskundige (artikel 1:28a BW, bron). Via de rechter kan de vermelding in de geboorteakte worden verbeterd (artikel 1:24 BW). Zo liet de rechtbank Limburg in 2018 op verzoek van de officier van justitie ‘het geslacht is niet kunnen worden vastgesteld’ opnemen voor iemand die zich noch man noch vrouw voelt (bron). Beide routes gaan via een vorm van toetsing.
Het wetsvoorstel dat het kabinet op 3 mei 2021 indiende, schrapte de deskundigenverklaring: vanaf zestien jaar zou een verklaring bij de ambtenaar van de burgerlijke stand volstaan. De Tweede Kamer verklaarde het voorstel op 12 september 2023 controversieel en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid trok het op 13 januari 2026 in (bron). Met zo’n regeling wordt de juridische sekse in de BRP, en in alle registraties die daarvan afhangen, effectief een keuzeveld. Voor de informatiewaarde van de registratie heeft dat onvermijdelijk gevolgen — niet als principieel oordeel, maar als feit van categorisatieleer: een veld dat door de geregistreerde zelf wordt gevuld op basis van eigen verklaring, registreert iets anders dan een veld dat een objectief gegeven vastlegt.
Gevolgen voor statistiek en monitoring
CBS-statistieken
Het Centraal Bureau voor de Statistiek baseert zijn cijfers naar geslacht op de BRP; de kleine groep met ‘geslacht onbekend’ telt het CBS in de totale bevolkingscijfers bij de vrouwen (bron). Wanneer de aanduiding op verzoek wijzigbaar wordt, raakt de noemer in elke statistiek die op de BRP-aanduiding steunt bij elke wijziging in beide richtingen vervuild.
Medische zorg
Sekse is in de geneeskunde geen bureaucratische bijzaak. De minister voor Rechtsbescherming schreef in 2019 dat sekse en de registratie daarvan van belang zijn bij medische behandelingen en medisch onderzoek, bijvoorbeeld voor gerichte uitnodigingen in bevolkingsonderzoeken, en dat de vroegere sekse van iemand die de geslachtsvermelding laat wijzigen van belang kan blijven voor bepaalde medische ingrepen of medicatie (bron). Zorg op basis van een juridische sekse die niet de biologische sekse weergeeft, kan tot verkeerde keuzes leiden.
Identificatie
De geslachtsvermelding in de BRP wordt vooral gebruikt voor identificatie, registratie, plaatsing en bejegening van personen; sinds de Transgenderwet van 2014 is voor een wijziging geen lichamelijke aanpassing meer nodig (bron). Bij grenscontrole, leeftijdscontrole en biometrische verificatie wordt impliciet uitgegaan van een vaste verhouding tussen de aanduiding op het document en de persoon die zich identificeert. Wijziging van de aanduiding zonder lichamelijke wijziging brengt een spanning tussen het document en de identificeerbare verschijning.
Het argument: sekse is geen keuzeveld
De principiële kant van het registratievraagstuk laat zich kort samenvatten. Een registratie is alleen informatief als zij verwijst naar een objectief gegeven. Wie de juridische sekse loskoppelt van het lichamelijke feit van sekse, registreert vanaf dat moment iets anders — een wens, een identiteit, een gevoelde categorie. Dat mag een waardevolle categorie zijn voor andere doelen, maar het is niet hetzelfde als sekse, en de registratie kan dan niet meer dienen als basis voor sekse-specifiek beleid.
De fundamentele keuze is daarmee niet alleen of het BW-artikel moet worden aangepast, maar of de BRP-categorie ‘geslachtsaanduiding’ nog wel het ding registreert dat zij heet te registreren. Bij zuivere zelf-identificatie verandert de aard van de variabele: hetzelfde label wordt dan gebruikt voor twee verschillende grootheden, met als gevolg dat geen van beide nog betrouwbaar gemeten wordt.